Zelf sportdrank maken

Een goede sportdrank zorgt voor een snelle aanvoer van energie naar de spieren. De belangrijkste ingrediënten van een sportdrank zijn water, suikers en zouten. Als je op de verpakking kijkt, zie je dat dure sportdranken nog veel meer stoffen bevatten, maar die zitten er vooral in om de smaak te verbeteren en de drank langer houdbaar te maken. Water, suikers en zouten dus, daar gaat het om. Allemaal zaken die we in huis hebben. Dus laat die dure sportdranken staan en maak voortaan zelf je sportdrank. Hoe doe je dat?

Verschil hypotone, isotone en hypertone sportdranken

Eerst wat achtergrondinformatie. Een sportdrank kan drie verschillende eigenschappen hebben: de drank is hypotoon, isotoon of hypertoon. Dit is afhankelijk van het aantal opgeloste suikers en zouten.
Hypotone drank: de hoeveelheid opgeloste suikers en zouten is lager dan die in het bloed.
Isotone drank: de hoeveelheid opgeloste suikers en zouten is (ongeveer) gelijk aan die in het bloed.
Hypertone drank: de hoeveelheid opgeloste suikers en zouten is hoger dan die in het bloed.

Waarom is dit belangrijk om te weten? Omdat dit iets zegt over hoe gemakkelijk de stoffen in het bloed worden opgenomen. Hoe lager de hoeveelheid hoe beter het in het bloed wordt opgenomen. Maar als nadeel heeft dit dat het minder energie geeft. Een isotone drank is daarom het beste tijdens de inspanning. Deze bevat tussen de 60 en 80 gram koolhydraten.

Sportdrank zelf maken

Een sportdrank zelf maken is heel simpel:
1. Vul je bidon (we gaan er vanuit dat je een bidon van 750 ml hebt) met circa 250 ml puur vruchtensap
2. Vul de rest aan met water
3. Voeg daarna een snufje zout toe

Het vruchtensap zorgt voor de benodigde koolhydraten en voor de lekkere smaak.
Water zorgt uiteraard voor het vocht.
En zout heeft twee functies: allereerst heb je zouten nodig voor het natrium. Ten tweede houdt dit het vocht vast zodat je het niet direct uitplast.